Mijn boek komt bijna uit. En dan nu alvast het ‘praatje’ erbij!
In: Nieuws
“Mag ik bij u binnenvallen met waar het mij om gaat bij mijn spoedig te verschijnen boek ‘Voorbij de tourniquetcultuur: Het ontstaansverhaal als stamcel voor de maatschappij’?
Het gaat mij om overzicht. Ook wel ‘visie’ te noemen. Om dat wat schromelijk verwaarloosd wordt in politiek en wetenschap en in dagelijks sociaal verkeer. Overzicht vanuit het grotere verhaal. Vandaar ook dat ontstaansverhaal uit de titel van mijn boek. En vandaar die ’tourniquetcultuur’, waar we in verzeild geraakt zijn. Van alleen nog maar vooruit kunnen en niet meer terug.
Overzicht krijg je door te zeggen: “het begon allemaal met …” Dat horen we te weinig. Vooral daar waar de grotere beslissingen genomen worden in de politiek en het bedrijfsleven. Mijn boek gaat over hoe het zo gekomen is, met dat alleen nog maar vooruit kunnen en niet meer terug. Dat vooruitgangsideaal, met technologie en kapitalisme als drijvende krachten. (Technologie als de motor, kapitalisme als brandstof.) Op zich dus ook weer een ontstaansverhaal.
Ik moet daarvoor in een ver verleden duiken. Iets wat groot en onbegrijpelijk is heeft vaak wortels in de diepte. We houden daar niet van, zo diep te grijpen. Onze verhalen spelen zich het liefst zo dichtbij mogelijk af. Direct begrip, instant bevrediging, mooi, leuk, spannend, snap ik. En gauw weer verder. Ik plaag u daarom met mijn boek, besef ik. Maar niet te lang, hoop ik.
Want uit die diepte komt iets moois tevoorschijn. U weet dat ooit het christendom in Europa is gevestigd. Misschien weet u ook dat voorchristelijke zaken toen zijn afgeleerd, ja, afgezworen. Toen de Katholieke Kerk als staatsgodsdienst de scepter zwaaide.
Ik noem vijf zaken die we hebben afgeleerd, waarmee we tegelijk het moois tevoorschijn halen. Dat wat ons de kans geeft te herstellen van onze tourniquethandicap, van alleen vooruit en niet meer terug kunnen. Die zaken zijn (en let nu op, want we hebben ze weldegelijk de deur gewezen): voorouderverering, natuurverering, familiestructuur, lokale cultuur en vertelcultuur.
Dit noem ik de ‘voorchristelijke waarden’ in mijn boek. Ik wijd aan elk van die vijf waarden een hoofdstuk, geef elk een plaats in het gesprek van alledag. Christelijke waarden richten zich op een toekomst waarin het hogere zegeviert en Jezus terugkeert, voorchristelijke waarden veel meer op het ontstaan van alles in het verleden.
Stelt u zich voor dat de bezetenheid rond de bijna-almacht van AI door de betrokkenheid van voorouderverering, dus van een ‘geweten’ van hoe dat alles is ontstaan, zou worden teruggeroepen tot de menselijke maat! Of dat de ondernemersalmacht met zijn verwoestende gevolgen voor het milieu zou worden teruggeroepen door een vernieuwd klimaat dat voor natuurverering gaat! Of dat, om misschien het neteligste van alle hectische problemen aan te kaarten, de anti-elitaire volkswoede tegen niet-blanke maar wel ‘omvolkende’ medemensen, dankzij een grondige doorlichting van het ooit gebrachte offer aan voorchristelijke waarden kan begrepen worden, en het lokaal-eigene zodoende weer in ere wordt hersteld.
Het zijn perspectieven die zich verenigen rond het principe van de ‘stamcel’. Ontstaansverhalen, losgelaten in de maatschappij, doen de werking van stamcellen in het weefsel van een orgaan als in het lichaam van de mens. Door, als bij embryonale stamcellen, de opbouw van dat orgaan van meet af aan opnieuw te doen. Zoals wanneer een spier te zwaar belast is waardoor er scheurtjes in ontstaan, zo zijn organen in de maatschappij te zwaar belast met een drijfveer van vooruit te moeten. En wel liefst zo snel als mogelijk!
Als het overzicht op alles kwijt is, niemand meer de touwtjes in handen heeft, gaan, achter luid verkondigde façades van politieke vrijheid en menselijke waardigheid, wanhoop en radeloosheid schuil. Een radeloosheid die mensen ertoe aanzet alles kort en klein te slaan op straat, in complotten te geloven en een kind in zijn staat van wanhoop op te sluiten in een cel.
Onze trots op ‘de verlichting’ en ‘de welvaart’ is pas gerechtvaardigd als we het motief erachter gaan begrijpen. Door de verlichting mede te begrijpen als de sublimatie van een groot geleden offer in de Middeleeuwen, en de welvaart als de compensatie van datzelfde offer.”
